In FPC Gent worden geïnterneerden geplaatst. Geïnterneerden hebben een misdrijf gepleegd, maar lijden aan een geestesstoornis, die maakt dat zij niet in staat zijn om hun daden te controleren. De rechter kan daarom beslissen de betrokkene te interneren, en dat met een dubbel doel: de maatschappij beschermen en de nodige zorgen bieden zodat de betrokkene opnieuw een plaats kan innemen in de maatschappij.

Het is vervolgens de Kamer voor de Bescherming van de Maatschappij (KBM) die bepaalt hoe de interneringsmaatregel wordt uitgevoerd.

  • De Kamer kiest de penitentiaire of psychiatrische inrichting, of de plaats waar de geïnterneerde zal verblijven.
  • Ze kan toestaan dat de geïnterneerde overdag gaat werken, en ’s avonds terug naar de inrichting gaat, of enkele dagen bij familie of vrienden of in een onthaalcentrum kan doorbrengen.
  • Ze kan tijdens de internering beslissen dat de geïnterneerde naar een andere inrichting wordt overgebracht.

Om terug een plaats in te nemen in de maatschappij kan de Kamer voor de Bescherming van de Maatschappij de geïnterneerde op proef vrijlaten. In dat geval legt de Kamer voorwaarden op die moeten nageleefd worden. Worden deze voorwaarden niet naleeft, of vormt de geïnterneerde voor zichzelf of de maatschappij een gevaar, dan kan de Kamer beslissen om de betrokkene opnieuw in een inrichting te laten opnemen.

FPC Gent informeert de KBM over het verblijf en het behandelverloop van de patiënten die door de KBM in FPC Gent zijn geplaatst, in relatie tot de vooropgestelde doelstellingen en adviseert hen aangaande eventuele uitgaansmodaliteiten. Dit gebeurt aan de hand van een uitgebreide zesmaandelijkse rapportage, op eigen initiatief, hetzij op verzoek van de KBM en minstens jaarlijks.

Patiënten verschijnen minstens jaarlijks voor de Kamer. De KBM kan in FPC Gent zitting houden.